Neeltge Geeraerts (Neeltge Gerrits) Cranendonck , *West-IJsselmonde ±1600 , † Ridderkerk >3-1640.
Neeltge Gerrits was getuige bij de doop van Quirijn (Krijn Pietersz) Huijser (?) .

Dochter van Gerrit Huijgen (Geerit Huijgensz) Cranendonck en Machteltge Bastiaene .


◊ IJsselmonde 1625 (otr Ridderkerk 7-9-1625)
    Quirijn Arijens (Krijn Ariens) Huijser , *Rotterdam, Charlois ±1569 , † >11-1649.
Kinderen:
  1. Geerit Quirijnen Huijser , * 1626 , ~Ridderkerk 26-12-1626 , † >1657 .
    Geerit Quirijnen was getuige bij het huwelijk van Quirijn Quirijnnen (Crijn Crijne) Huijser , de doop van Quirijn (Krijn Pietersz) Huijser , de doop van Neeltie Jans Tuck .
      Gerrit v: Crijn Arijensse, m: Neeltje Gerrits, g: Hendrick de Collecteur, ende Marijken Cornelis.

      Geerit Quirinen Huyser werd op 27-9-1654 lidmaat in Ridderkerk, tegelijkertijd met Pietertjen Pieters, dienstmeyt van Arien Quirynen Huyser.

      Lintie Aartse Gou, weduwe van Geerit Krijnen Huijser, verklaart op 6-4-1746 in Rijsoord dat zij het testament van 27-3-1727 gestand doet met een uitzondering inzake de kleding, goud en zilver.
      Tevens verklaart zij een bedrag schuldig te zijn aan:
      - Floris Huijser, zoon van haar voornoemde echtgenoot
      - Martijntie Huijser, dochter van haar voornoemde echtgenoot
      Tot voogd over eventuele na te laten minderjarige erfgenamen en tot executeur van de gehele boedel en nalatenschap benoemt zij voornoemde Floris Huijser.

      Wouter Teunisse Gou en Annigie Gerritse Huijser, echtpaar te Oost Barendrecht, benoemen elkaar op 1-12-1743 in Rijsoord tot erfgenaam. Tot voogden stellen zij aan: Lodewijk Pieterse Gelderblom, zwager van hem, en Floris Gerritse Huijser, broer van haar.

    ◊   Lintie Aartse Gou .

    3 kinderen


  2. Leijntje Quirijnen (Leigje Krijnen) Huijser , * ±1628 , ~Ridderkerk 7-1-1629 , † >1657 .

    ◊ Ridderkerk 18-3-1663   Jan Joosten Tuck , *Ridderkerk 1626 , ~Ridderkerk 10-5-1626 , † >1681.

    2 kinderen


  3. Quirijn Quirijnnen (Crijn Crijne) Huijser , * 1631 , ~Ridderkerk 7-9-1631 , † >1676 .
      Ridderkerk, 07-09-1631 Crijn v: Crijn Arijenssen, m: Neeltje Gerrits.

      Quirijn Quirijnen Huijser had 11 kinderen uit 2 huwelijken.
      In een kohier uit 1680 staat vermeld: "Quirijn Quirijnen Huijser, sijnde een slappen arbeijder, die qualick voor hem, sijn huijsvrouw, een kindt boven en drie benede de acht jaeren de kost van winnen".
      Zie: "Ons Voorgeslacht" 1990.

      Op 10-11-1658 wordt in Ridderkerk een verklaring afgelegd door:
      - Arijen Quirijnen Huijser de oude, 62 jaar,
      - Lenert Quirijnen Huijser, 55 jaar,
      - Arijen Quijrijnen Huijser de jonge, 46 jaar en
      - Pieter Quirijnen Huijser, 43 jaar.
      Zij verklaren op verzoek van Pleun Quirijnen Huijser, dat zij op 22 april 1653 met hun stiefmoeder, Neeltgen Gerrits dr. samen met
      - Gerrit Quirijnen Huijser,
      - Leija Quirijnen Huijser en
      - Quirijn Quirijnen Huijser, hun halfbroers en -zuster, in het sterfhuis te Slikkerveer van Quirijn Arijensz Huijser (hun vader) hebben vergaderd inzake de bereddering van de boedel. Zij hebben toen een overeenkomst gemaakt voor de verkoop van de woning en het land aan Henrick Pietersz van der Bos te Dordrecht.

      Jan Cornelisz Schansman, 60 jaar ,en Pietertgen Pieters, weduwe van Pieter Cornelisz, 27 jaar, verklaren op 9-3-1659 op verzoek van Pleun Quirijnen Huijser dat Quijrijn Quirijnen Huijser (halfbroer van Pleun), toen hij getrouwd was, samen met zijn vrouw bij zijn moeder Neeltgen Gerrits, weduwe van Quirijn Adriaensz Huijser, heeft ingewoond. Ook zijn broer Gerrit Quirijnen Huijser en zijn zus Leija Quirijnen Huijser hebben daar ingewoond. Schansman was hun buurman en Pietertgen was dienstmaagd bij Neeltgen.

      Ridderkerk, 1680:
      Quirijn Quirijnen Huijser, sijnde een slappen arbeijder, die qualick voor hem sijne huijsvr., een kindt boven en drie benede de acht jaeren de kost kan winnen.
      Een [kind] boven de tien, twee boven de vier en beneden de tien jaer.

    ◊ Barendrecht 28-4-1655   Anneken Henricx (Annetie Heijndrixs) , *West-Barendrecht ±1635 , † Ridderkerk ±1663.
      Ondertrouw op 4-4-1655 in Ridderkerk.
      Crijn Crijnen Huijser, j.m. van Ridderkerk, en Annelie Heijndrixs, j.d. van West-Barendrecht.

      Arijen Quirijnen Huijser de jonge - 46 jaar - legt op verzoek van Pleun Quirijnen Huiser een verklaring af op 27-10-1658 inzake zijn aanwezigheid in ’t Roode Hert (de waard is Willem Arijensz) met betrekking tot de huwelijksvoltrekking tussen Quirijn Quirijnen Huijser en Anneken Henricx. Ook aanwezig is Gerrit Quirijnen Huijser, een halfbroer. Een voogd van Anneken Henricx, Loduwijck Louwen, brengt de financiŽle kant ter sprake.
      Kinderen: Hendrik, Neeltje, Cornelis (3x).
      Getuige bij het huwelijk: Arijen Quirent (Adriaen Crijnen de Jonge) Huijser en Geerit Quirijnen Huijser . Overleden tussen Feb 1661 en 1665.

      Ridderkerk, 27-10-1658: Arijen Quirijnen Huijser de jonge - 46 jaar - legt op verzoek van Pleun Quirijnen Huiser een verklaring af inzake zijn aanwezigheid in ’t Roode Hert (de waard is Willem Arijensz) met betrekking tot de huwelijksvoltrekking tussen Quirijn Quirijnen Huijser en Anneken Henricx. Ook aanwezig is Gerrit Quirijnen Huijser, een halfbroer. Een voogd van Anneken Henricx, Loduwijck Louwen, brengt de financiŽle kant ter sprake.

    ◊   Haesjen Henrix , * 1636 , ~Barendrecht 10-2-1636 , † >8-1698.
    Haesjen Henrix was getuige bij de doop van Marijnis Huijgen Decker , de doop van Krijn Gerrits Huijser , de doop van Machteltje Gerrits Huijser .

        Dochter van Hendrick Huijgen en Machteltgen Reijers (Macheltie Reijers) .
      Ondertrouw op 13-9-1665 in Ridderkerk.
      Quirijn en Haesje lieten in de periode 1666-1677 in Ridderkerk 6 kinderen dopen, waaronder Gerard en Annetje. Daarbij traden als doopgetuigen op MaijkenDirckx (drie maal), Aeltjen Ariens Huijser, MarijAriens Huijser, Jannighjen Hendricx en Marijken Cornelis.
      Doopget. Pieter Jansz, Aechtge Joppen.
      Op 31-8-1698 werd zij nog vermeld als doopgetuige.

      Haesken/Haesjen/Haeie Hendricksdr., dochter van Hendrick Huijge en Machteltge Reijers. Zie: "Ons Voorgeslacht" 1989.

      Haar eerste man Quirijn Huijser was zoon van Quirijn Arijensz. Huijser, landpoorter van Dordrecht, en Neeltge Gerritsdr. (Geeraertsdr.) Cranendonck.

      Op een waarschijnlijk uit 1659 daterende lijst van lidmaten te Barendrecht is Haesjen Henrix met haar moeder en haar broer Huijch genoemd als wonende in Carnisse.

      Op 24-2-1664 en 18-10-1676 was Haesjen respetievelijk te Barendrecht en te Charlois doopgetuige voor een kind van (haar broeder) Cornelis Hendricksz. Zij was op 21-12-1687 te Barendrecht getuige was bij de doop van een kind van haar stiefzoon Marijnus Huijgen en Maeijke Jans. Nog op 31-8-1698 was Haesje doopgetuige te Barendrecht bij een kind van (klaarblijkelijk haar neefje) Hendrick Reijersz.

      Op 11-4-1666 werd Haesjen Henricx, huijsvrouw van Quirijn Quiruijnen Huijser, met att. van Barendrecht lidmaat te Ridderkerk.

    11 kinderen


  4. Anneke Crijne Huijser , * 1634 , ~Ridderkerk 28-11-1634 , † Ridderkerk ±1635 .


  5. Anneke Krijnen Huijser , * 1636 , ~Ridderkerk 13-4-1636 .
      Anneke v: Crijn Ariensse, m: Neeltjen Geerit.


  6. Cornelis Quirjnen (Kornelis Krijnsz) Huijser , * 1640 , ~Ridderkerk 15-4-1640 .
      Cornelis v: Crijn Ariensse, m: Neeltje Geerits.


Samengesteld door Joan Bos.
Voor meer informatie zie de introduktie of de FAQ.