Trientge Lenerts (Thoontge Lenerts) Pors , [] Rotterdam, Charlois 1631.
Getuige bij de begrafenis: Adriaen Lenaertsz (Adriaen Lenaertsz de Jonge) Pors .

Dochter van Lenert Lenertsz (Lenaert Lenaertsz Jonge Pors) en Aechtgen Adriaens ( Porre) .


×
    Bastiaen Geenen .    
× ±1603
    Adriaen Lenaertsz Hoosgen , [] Rotterdam, Charlois 1602.
Kinderen:
  1. Neeltgen Adriaens Hoosge , [] Rotterdam, Charlois 1660.

    × <1614   Lauweris Querijnsz (Lauris Crijnenz) van Dijck , † 1637, [] Rotterdam, Charlois 1637.

    ×   Louweris Cornelisz van Moerkercken , † >9-1672.
    Louweris Cornelisz was getuige bij de doop van Neeltge Jacobs Rosmolen .
      Ondertrouw op 13-5-1644 in Rotterdam.
      De jonggezel Laurens Cornelisz ’van Mensheerenlandt anders geseijt Moerkercken’ maakte op 13-5-1644 voor een notaris te Rotterdam akte van huwelijkse voorwaarden met de in Charlois wonende Neeltgen Ariensdr, weduwe van Laurens Crijnen. Zij werd daarbij geassisteerd door haar oom Simon Lenertsz Pors. Zij brachten elk hun goederen in.

      Hij was boer in het ’Santblock’ te Charlois. Als weduwenaar woonde hij in Oud-Beijerland.

      In 1648 stelde Lauris Cornelisz. van Moerkercken, wonende in Charlois, zich met zijn mede daar woonachtige stief-schoonzoon Cornelis Adriaensz. Wijn, te Cromstrijen als borg voor zijn onder Mijnsheerenland wonende stief-schoonzoon Symen Thonisz. Stoutgenwech.

      Lauweris Cornelisz. van Moerkercken, die rond 1640 wellicht te Charlois (her?)trouwde met Neeltge Adriaensdr. Hoosge, weduwe van de in 1637 aldaar begraven Lauris Crijnen van Dijck.

      Mogelijk was hij eerder getrouwd geweest en was hij de vader van Cornelis Lauwerisz. en Arij Lauwen, die beiden in Oud-Beijerland worden vermeld. Zie: Ons Voorgeslacht 1999.

      Charlois, 1-8-1657: Lauris Cornelisz. van Moerkercken onze inwoner als getrouwd hebbende Neeltgen Ariensdr. Hoosje die weduwe was van Lauris Crijnen van Dijck heeft (door overgift van hem comparant voor het Hof van Holland tot zijn naam gedaan door de deurwaarden Anthonij van der Horst en met kennis en approbatie van Pietertgen Laurisdr. de voorn. zijn huisvrouw ene meerderjarige voordochter die mede in deze present zijnde consenterende voor zo veel haar iet zoude mogen aangaan) getransporteerd aan de heer Joan Oem, de heer advocaat de Bie, de heer Soutelandt en de heer Cornelis van der Hooch etc. alle te samen eigenaren van de grond, zekere huising, bergen, schuren en timmeragie, staande in Charlois in het Zandblok.

    9 kinderen


  2. Lenart Adriaensz (Jonge) Hoosge , [] Rotterdam, Charlois 9-7-1668.
      Geb. vóór 1600.

      Leendert Arijens Hoosje de Jonge was landbouwer te Charlois.

      Lenart Adriaensz. Jonge Hoosgen werd in 1623 in Charlois vermeld op de lijst van inwoners van Charlois die belasting verschuldigd waren.

      Jonge Lenert Adriaensz. Hoosge, inwoner van Charlois, bekende aldaar op 23-2-1641 schuldig te wezen aan Adriaentgen Cornelisdr. Huijser, het weeskind van Cornelis Adriaensz. Huijser en Annetgen Bastiaensdr., beide zaliger, de som van 160 gld. van Harman Pors, schout van Charlois, als testamentaire voogd van het voorsz. weeskind aangeteld. De som werd op 6-6-1655 afgelost door Pieter Velsenaer, dewelke getrouwd gehad heeft de voorn. Adriaentgen Huijsers.

      Charlois, 16-4-1653: Jonge Leendert Ariensz. Hoosgen onze inwoner bekende schuldig te wezen aan jufrouw Soetgen Heijndricxsdr. weduwe van Reijnier Jansz. de With wonende tot
      Rotterdam de som van 300 gld.

    ×   Neeltgen Arijens .

    1 kinderen


  3. Bastiaen Adriaensz Hoosgen , [] Rotterdam, Charlois 18-2-1653.
    Getuige bij de begrafenis: Pleuntgen Sijmonsdr .
      ,,den 18en dito (februari) ontfangen van Pluentgen Sijmons van dat haer man Bastiaen Hoosge in de kerck onder ‘t cruyswerck begraven leyt v L x s.“

      Bastiaen Adriaensz. Hoosgen was landbouwer. Hij werd begraven te Charlois op 18-2-1653 onder het kruiswerk.

      Lenart Adriaensz. Jonge Hoosgen en Bastiaen Adriaensz. Hoosgen werd in 1623 in Charlois vermeld op de lijst van inwoners van Charlois die belasting verschuldigd waren.

      Bastiaen Adriaensen Hoosge betaalde 2500 bij de 200e penning van Charlois van 1644.

      Charlois, 24-3-1618: Cornelis Ghijsz. onze inwoner heeft getransporteerd aan Bastiaen Adriaensz. Hoosgen mede wonende alhier een huis, bergen en schuren met omtrent 16 hond land daar het voorsz. huis op staat in Charlois in het Katendrechtseblok.

      Charlois, 23-4-1633: Pouwels Pietersz. wonende in Barendrecht en Lauris Crijnen van Dijck, als voogden van Andries en Lijsbeth Matijssen, kinderen van Matijs Crijnen en Maertgen Pietersdr., beide zaliger, hebben getransporteerd aan Bastiaen Adriaensz. Hoosgen onze inwoner omtrent 5 hond 25 roeden teelland toekomende de voorn. Andries en Lijsbeth Tijssen, gelegen in Charlois in het Oostduelblok.

      Charlois, 17-10-1646: Cornelis Woutersz. Verduijn onze inwoner heeft getransporteerd aan Bastiaen Adriaensz. Hoosgen mede onze inwoner omtrent 1 morgen 3 hond 70 roeden bosem land in Charlois in het Kerkenblok in de Lage Bosem.

      Charlois, 29 september 1655: ,,Giftbrieff volor de kinderen van Bastiaen Arijensx. Hoosje contra Cornelis Bastiaensz. Hoos je, haer broeder” ; Cornelis Bastiaensx. Hoosje, meerderjarige zoon van Bastiaen Arijensx. Hoosje za., wonende te Charlois, transporteert aan zij,n broers en zusters ,t.w. Arijen Bastiaensx., Symon Bastiaensx., Leendert Bostiaensx. Hoosje, Adriaentje Bastiaensdr. ende Teuntje Bastiaensdr. Hoosje, ,,zekere ontrent sesthalff hont tee#llam”, gelegen in ‘Charlois in het Oostduelblok.

      Charlois, 30-8-1657: Leendert Bastiaensz. Hoosje, meerderjarige zoon van zaliger Bastiaen Ariensz. Hoosje, onder inwoner, bekende schuldig te wezen aan sr. Cornelis van Nijkercken wonende tot Rotterdam de som van 500 car. gld.

    ×   Pleuntgen Sijmonsdr , [] Rotterdam, Charlois 1657.
    Pleuntgen Sijmonsdr was getuige bij de begrafenis van Bastiaen Adriaensz Hoosgen .

        Dochter van Simon en ?
      Kinderen: Cornelis, Aerie, Sijmon, Leendert, Adriaentje en Teuntje. Zonen Sijmen en Aerie hadden beiden een dochter Pleuntje.
      Het cohier van de 1000ste en 200ste penning van Charlois van 27-12-1660 vermeldt dat "Bastiaan Hoosjes weduw is overleden. Haer goedere ngedeelt bij ses kinderen doch monterend elck niet ter somme van ofte waerderingen van 1000 gulden".

      Pleuntje had een broer Cornelis Sijmonsz. en nog 3 gehuwde zusters.

      Charlois, 20-4-1625: Heeft Bastiaen Adriaensz. Hoosgen genaast omtrent 5 hond 60 roeden land gelegen in Robbenoord dat Dirck Cornelisz., Adriaen Willemsz. en Cornelis Huijgensz., als getrouwd hebbende elk een zuster van de voorsz. Bastiaen Adriaensz. zijn huisvrouw, verkocht hebben aan Abraham Cornelisz.

      Charlois, 21 november 1654: Cornelis Bastiaensx. Hoosge, bejaerde
      soon van za. Bastiaen. Aryensz. Hoosge, ter eenre, Aryen Bastiaensx. Hoosge voor hem selven, Leendert Aryensz. Hoosge, als gecoren voocht van Adriaentge Bastiaens ende als bloetvoocht van Symon Bastiaensx. Hoosge, Leendert Bastiaensx. Hoosge ende Tuentge Bastiaens Hoosge, minderjarige kinderen van den voornoemden Bastiaen Hoosge daer moeder aff is Pleuntge Symons”, ter andere zijde, scheiden de boedel.

      Charlois, 30-12-1654: Pleuntge Sijmonsdr., weduwe en boedelhoudster van Bastiaen Arijensz. Hoosge, onze inwoonster, geassisteerd met Jan Jansz. Bacx, haar zwager en gekoren voogd in deze, bekende schuldig te wezen aan de nagelaten boedel en goederen van zaliger Maritgen Cornelisdr., bejaarde dochter van Cornelis Cornelisz. varentman en Geertge Adriaensdr. Maxr[??], beide zaliger, de som van 396 gld. Tot hypotheek haar bouwhuis, berg, schuren en boomgaard met 2 morgen 3 hond 50 roeden land daar de voorsz. woning op staat in Charlois in het Katendrechtse Blok. Zij bekent f396,- schuldig te zijn.

      Charlois, 18-8-1656:
      - Neeltge Pietersdr. weduwe van Arien Andriesz. timmerman, onze inwoonster, geassisteerd met Cornelis Pietersz. Mol, haar broeder en gekoren voogd in deze, bekende schuldig te wezen aan sr. Gerraerdt de Cachiopin coopman tot Rotteram de som van 300 gld. - Compareerden mede de voorn. Cornelis Pietersz. Mol en Pleuntge Sijmonsdr. weduwe en boedelhoudster van Bastiaen Ariensz. Hoosje geassisteerd met Leendert Ariensz. Pors schepen in deze haar gekoren voogd, beide mede onze inwoners, en stellen zich borg.

      Charlois, 14-3-1657:
      - De wel edel hooggeboren heer Eeverart de Doerne heer van Asten, Liessel etc. als broeder en momber van de wel edele geboren juffrouw Maria Margreta van Doernen zijn zuster heeft getransporteerd aan Pleuntgen Sijmonsdr. weduwe en boedelhoudster van Bastiaen Ariensz. Hoosje onze inwoonster 1 morgen 4 hond 18 roeden land gelegen in Robbenoord onder Charlois.
      - 14-3-1657: Pleuntgen Sijmonsdr. weduwe en boedelhoudster van Bastiaen Ariaensz. Hoosje onze inwoonster geassisteerd met Arien Bastiaensz. Hoosje haar zoon en gekoren voogd in deze bekende schuldig te wezen aan Johannes Dindrade daar moeder af is Marianna van der Wilde de som van 900 gld.

    6 kinderen


  4. Lenert Adriaensen (Lenert Adriaensz) (den Ouwe) Hoosge , † >1654 .

      Lidewij Cornelisdr., wed. van Cornelis Cornelisz. Loosje, won. in ‘s-Gravenambacht, geassisteerd met Cornelis Cornelisx. Loosje, haar zoon, en Lenert Adriaensx. Hoosgen, haar zwa,ger, wonende in Charlois, deze haere gerequireerde voochden, is op 2 jan. 1619 schuldig aan Gyllis Jansz. Vriese, rentmeester, wonende te ‘s-Gravenhage (gecasseerd 29 juni 1624).

      Den Ouwe Lenert Adriaensz. Hoosge werd op 19-5-1650 in Charlois genoemd. Hij was boer en hoogheemraad te Charlois.
      Leendert Arijensz. ’t Oude Hoosge was in Charlois kerkmeester in de periode 1626-28 en 15 maal schepen tussen 1631 en 1652.

      Op het verzoek van Lenert Adriaensz. Hoosgen den Ouden die gekocht had omtrent 300 roeden land gelegen in de Plompert in het Jonge Willertsblok, de vruchten op dit land getaxeerd op 4-4-1634.

      Neeltgen Adriaens, weduwe en boedelhoudster van Lauris Crijne van Dijck, geassisteerd met haar voor de gelegenheid gekoren voogd Eeuwout Pietersen [Dunneboer], gerechtsbode van Charlois, transporteerde op 11-6-1640 aan [haar broer] de Charloisse schepen Lenert Adriaensen Hoosge [De Oude] ca. 1 mr. 10 r. ’teellant’ in het ’Jonge Willerts block’ in de Plompert onder Charlois.

      Charlois, 9-1-1641: Jan Adriaensz. van Dam wonende op ’s Gravendeel heeft getransporteerd aan de Ouden Lenert Adriaensz. Hoosgen onze mede schepen omtrent 1 morgen 5 hond 60 roeden weiland in Charlois in het Abtsblok.

      Charlois, 10-6-1645: With Eeuwoutsz. Verduijn wonende op de Hye, contra den ouden Lenert Adriaensz. Hoosge.

    ×   Neeltje Cornelis Loosge , † >4-1664.
      Kinderen: Arijen en Lijsbeth.
      Overl. ná 8 mei 1664.

      Neeltje is een dochter van Cornelis Claesz. Loosgen, stamvader van de familie Loosje in Hoogvliet, die mogelijk 2 maal is getrouwd. Neeltje had broers Cornelis en Bastiaen en zusters Steffenie en Willemtje.
      Voor het geslacht Loosje uit Hoogvliet, zie: De Nederlandse Leeuw 1980.

      Neeltje Cornelis, weduwe van Leendert Arijensx. ‘t Oude Hoosge, wonende te Charlois, is f lOOO,- schuldig aan Huybert Jacobsx. te Charlois op 10 aug. 1658. Haar borg is haar zwager Jacob Jansx. Blijdorp.

      Neeltge Cornelisdr. Loosje, wed. van Leendert Aryensx. Hoosje, inwomonster binnen Charlois testeert op 8 maart 1664. Zij benoemt tot haar erfgenamen: Lijsbeth Hoosje, haar dochter, gehuwd met Jacob Jacob Jansz. Blijdorp, en Leendert en Cornelis Arijensz. Hoosje, kinderen van wijlen Aryen Leendertsx. Hoosje, haar zoon. Voogden zijn: Bastìaen Cornelisx. Loosje, haar broer, en Leendert Aryensz. Hoosje, haar overleden mansbroer.

      Neeltje Cornelisdr. Loosie, weduwe van Leendert Ariens Loosie [=Hoosie], machtigt op 8 mei 1664 haar zwager Jacob Jansx. Blijdurp tot het overdragen van 3 morgen land te Rhoon aan haar broser Bastiaen Cornelisx. Loosie.

    3 kinderen


Samengesteld door Joan Bos.
Voor meer informatie zie de introduktie of de FAQ.