Cornelis Willems Goosens (Jonckijnt) Romeijn , *Ridderkerk ±1545 , † Ridderkerk ±1609.
Cornelis Willems Goosens was getuige bij de doop van Heijndrick Andriesse .

Zoon van Willem Goessen Arien (Willem Ghoosens) Romeijn en Neeltje Cornelisse .


× ±1570
    Marijcke (Maritgen Cornelis) Stuij , *Bleskensgraaf ±1550 , † Ridderkerk <5-1598.
× Ridderkerk 24-5-1598 (otr Ridderkerk 10-5-1598)
    Mariken Adriaens .    
Mariken Adriaens was getuige bij de doop van Cornelis Cornelisz Romeijn .

RECHTSBOVEN: Ridderkerk in 1584.

Kinderen:
  1. Cornelis Cornelisz Jonge Romeijn , † >3-1624 .

    × Barendrecht 1598   Stijntgen Sebasteijaens , *Barendrecht ±1575 , † 10-4-1610, [] Barendrecht 15-4-1610.
        Dochter van Sebastiaen Louwensz (Bastiaen Lourisz) en Aeriaenke Leendertsdr .
      Ondertrouw op 9-8-1598 in Ridderkerk.
      Kinderen: Leendert, Adrijaentgen, Pieter en Cornelis.
      "Hier leijt begraven Stijntgen Sebasteijaens de huijsvroue va[n] Cornelis Cornelisse Jonge Romeijn en sterf op den dijnsdach ontrent auons te 7 vijr en worde begraue de 15en april 1610 en heeft euende kijndere achter gelaten".

      Stijntgen was een dochter van Sebastiaen Louwensz, boer in het Oudeland van Carnisse, en Aeriaenke Leendertsdr, die op 4-1-1613 overleed.

      Er was sprake van de nagelaten weeskinderen van zaliger Stijntgen Batiaensdr. Zij kregen 6 morgen land in het Westambacht van Barendrecht aanbedeeld.

    × Ridderkerk 6-2-1611   Ariaentjen Otten Snijder , † >1618.

    8 kinderen


  2. ??? Leendert Cornelisz (Lenert Cornelisz) Romeijn , † <1642 .

      Charlois, 3-4-1641:
      - Ploon, Maerten, Adriaen en Wouter Huijgenzonen,
      - Celitgen Huijgen, weduwe [van] Lenert Cornelisz. Romeijn voor haar zelf en Willem Cornelisz. Romeijn, wonende op ’s Gravendeel, als voogd van de weeskinderen van de voorn. Lenert Cornelisz. Romeijn daar moeder af is de voorn. Celitgen Huijgen,
      - Dirck Jan Jorisz., getrouwd hebbende Adriaentgen Huijgen,
      - Cornelis Sijmonsz., getrouwd hebbende Marijtgen Huijgen en
      - Lenert Cornelisz. Plockhaer, getrouwd gehad hebbende Willempgen Huijgen;
      alle als kinderen en erfgenamen van Huijch Pleunen en Aeltgen Willemsdr. zijn huisvrouw beide zaliger, hebben in de voorsz. kwaliteit getransporteerd aan Cornelis Eeuwoutsz. Prins tot Rotterdam en brouwer in ’t Lam 2 morgen 4 roeden land zo wei- als teelland wezende omtrent 8 hond teelland en omtrent 4 hond weiland gelegen in Charlois in het Santblock.

    ×   Celitgen Huijgen , † <5-1641.


  3. Barbelken Cornelisse ( Jonckint) , * ±1570 , † <10-1649 .

    × Ridderkerk 21-11-1593   Arien Adriensz (van Ridderkerck) , *Ridderkerk ±1570 , † Ridderkerk 21-1-1605.

    × Ridderkerk 1-1-1606   Pieter Cornelis op den Dijck .
      Ondertrouw op 11-12-1605 in Ridderkerk.
      Pieter Cornelisz, j.g. van IJsselmonde, en Barbel Cornelisdr, wed., van Ridderkerk.

    3 kinderen


  4. Aeltgen Cornelisse (Aaltijen Cornelis) Jonckint , *Ridderkerk ±1570 , † ±1620 .
    Aaltijen Cornelis was getuige bij de doop van Pieter Cleijsen van Driel .
      Overl. tussen 2-3-1617 en 24-3-1624, wsl. in Ridderkerk.

      Aeltgen/Eeltgen Cornelisdr. Jonckint; Romeijn was de naam van haar broer.

      Op 24-6-1607 te Ridderkerk trad ’Adriaen Cornelisz. int Clooster’ op als doopgetuige voor een kind van Daniel Foppen van Driel en diens eerste vrouw Aeltge Cornelisdr, dochter van Cornelis Willemsz. Jonckint. Dit betrof Adriaen Cornelisz Jeijskoot, gehuwd met Angenietgen Pietersdr., dochter van Pieter Willem Goossensz.

    × Ridderkerk 17-3-1591   Daniel Foppessen (Daen Foppensz) van Driel , *Barendrecht ±1568 , † <25-5-1648.
    Daen Foppensz was getuige bij de doop van Adriaen Ariensz De Oude Reijerkerk , de doop van Adriaen Ariensz ( Reijerkerk) .

        Zoon van Fop Claesz van Driel en Margrietje Leenderts (Grietje Lenerts) ( Cranendonck) .
      Overleden tussen 31-7-1634 en 25-5-1648.

      Zoon van Fop Claesz van Driel en Grietje Lenertsdr.
      In 1626 wordt Daniel Foppen vermeld bij de 1000e Penning van Barendrecht.

    7 kinderen


  5. Neeltijen Cornelis ( Romeijn) , *Ridderkerk ±1575 .
    Neeltijen Cornelis was getuige bij de doop van Neeltijen Daniels van Driel (?) , de doop van Neelken Ariens (van Ridderkerck) .

    × Ridderkerk 4-1-1601   Cornelis Maertensz Sijmen ( Grasdijck) , *Ridderkerk ±1565 , † <1631.

    1 kinderen


  6. ? Pieter Cornelisz (Pieter Cornelisz den Jongen) Romeijn , *Ridderkerk ±1580 .
      Pieter Cornelisz. Romeijn in Mijnsheerenland wordt op 23-9-1635 omschreven als "oud omtrent 55 jaar".

      Pieter Cornelisz. Romeijn, oud omtrent 59 jaar, sinds 36 jaren in Mijnsheerenland wonende en 16 jaren als heemraad dienende, wordt op 5-12-1638 in Mijnsheerenland genoemd.

      Pieter Cornelisz Romeijn was een zwager van Cornelis Pietersz. van der Schoor op Zwijndrecht.

      Pieter Cornelisz. Romeijn (trouwt Mhld 7 juni 1603 Marichge Ghijssendr. , voormalig ook echtgenote van Cornelis Jacobsz., zoon van Jacob Cornelisz. en Heyltge Jan Heyensdr.

      Mijnsheerenland, 18 mei 1615: Pieter Cornelisz. Romeijn hypothekeert op 130 roe land met een huis, schuur, 2 bergen en ovenkeet en de beteling daarop staande. Oost: het land van Jan Pietersz. Zuid: het water van de (Binnenbedijkte) Maas. West: het land van de Heer van Moerkercken. Noord: de Heerenweg. En dit tot indemptie en bevrijding van 300 Cgld hoofdgeld, waarvoor zich Jan Jansz. van Dongen borg gesteld heeft. De Heilige Geest in Mijnsheerenland heeft op dit land sprekende de som van 200 Cgld.

      Genoemd op 17-6-1619 in Mijnsheerenland: Pieter Cornelisz. Romeijn, die voor de koop van een koe 30 gulden moet betalen.

      Willem Cornelisz. Romeijn tot Ridderkerk, gehuwd met Maritge Cornelis Jacobsdr., en Pieter Cornelisz. Romeijn, stiefvader van Cornelia Cornelis Jacobsdr. en Maritje Cornelis Jacobsdr., worden op 17-6-1619 in Mijnsheerenland genoemd.

      Mijnsheerenland, 7 mei 1624: Willem Cornelisz. Romeijn, wonende te Ridderkerk, echtgenoot van Marichge Cornelis Jacobsdr., verkoopt aan Agnietge Adriaensdochter, wonende aan de Blaak onder Moerkercken, 1 morgen en 500 roeden cijnsland in het Oudeland van Moerkercken. Oost het land van Dyngman Pauly, zuid een klein smal gedeelte van de gemenelands watering, west de weg strekkende van de Maasdijk tot de Reedijk van Heinenoord en noord de Noord- of Achterweg. Dit cijnsland is hem aangekomen bij overlijden van zijn schoonmoeder Marichge Ghijssendochter, in het laatst van haar leven echtgenoten van Pieter Cornelisz. Romeijn en de zelve Romeijn aangekomen bij koop van de kinderen en erfgenamen van Jan Jacobsz. Pentionaris en Annichgen Pieter Cors Pietersdochter op 3 mei 1603.

      Mijnsheerenland, 25 juli 1627: Heemraden in Mijnsheerenland verklaren op verzoek van jonkheer Johan van Raesvelt waarachtig te zijn dat Pieter Cornelisz. Romeijn op 25 juni 1627 ten huize van Willem Wijntgens, waard in De Rode Leeuw te Dordrecht, een dispuut heeft gehad met de stedehouder Andries Jacobsz. Hoogenworff, betreffende de schouwdag van de sporen, sloten en wallen.

      Mijnsheerenland, 29 juli 1628: Pieter Cornelisz. Romeijn bekent schuldig te zijn aan Daentge Pietersdochter de som van 390 Carolusgulden, spruitende eerst van een hoofdsom van 150 Cgld, die de voornoemde Romeijn beloofd heeft te betalen volgens de vertichting tussen Romeijn en de erfgenamen van zijn huisvrouw de dato 11 juli 1623. Als borg over deze som stelt zich Adriaen Jansz. van Driel, zwager van Pr. Corn. Romeijn, wonende in de Nieuwe-Greup

      Mijnsheerenland, 3.8.1635: Cornelis Cornelisz. jonge Boer in Mijnsheerenland verklaar t zich burg te stellen voor de vrijwaring van 15 morgen en 370 roeden land in het Oudeland van Moerkercken, toebehorende Matheus Pouwels te Dordrecht. Welk land in bruikleen is bij Pieter Cornelisz. Romeijn.

      Mijnsheerenland, 23.9.1635: Pieter Cornelisz. Romeijn in Mijnsheerenland, oud omtrent 55 jaar, attes teert op verzoek van Adriaen van Beaumont dat hem kennelijk is, dat in de maand december 1634 Adriaen van Beaumont een zekere obligatie overgenomen heeft van Wouter Jansz. (van Ridderkerck), die Wouter Jansz. sprekende heeft op Sebastiaen Cornelisz. op Heinenoord.

      Pieter Cornelisz. Romeijn geeft op 22-10-1635 in Mijnsheerenland aan dat zijn broer Willem Cornelisz. Romeijn zich als borg
      voor hem geconstitueerd heeft voor de som van 200 gulden t.b.v. de weduwe van Niclaes Aertsz. te Dordrecht.

      Pieter Cornelisz. Romeijn in Mijnsheerenland verklaart op 22.10.1635 dat Cornelis Cornelisz. jonge Boer zich voor hem als borg gesteld heeft voor de landpacht van 15 morgen l and in het Oudeland van Moerkercken, die hij moet betalen aan Matheus Pouwels in Dordrecht. Om dezelve jonge Boer daarvoor schadeloos te stellen, stelt hij hem volgende havelijke goederen bij voorbaat ter hand: 1 rode merry, oud 10 jaren, voor 60 gulden. Een zwart colde merry, oud 9 jaren, voor 50 gulden, 1 rode merry , oud 13 jaren, voor 36 gulden. Een grijze merry, oud 16 jaren, voor 30 gulden. 6 koeien voor 40 resp. 50 gulden, 1 rode melkvaars van 2 jaren voor 36 gulden. Een oude kreupele koe voor 15 gulden. Negen hokkelingen, een ieder voor 12 gulden. Twee wagens met toebehoren, de ene voor 40 gulden en de andere voor 20 gulden. Een nieuwe ploeg voor 6 gulden. Drie varkens, het stuk voor 5 gulden, etc.

      Pieter Cornelisz. Romeijn in Mijnsheerenland verkoopt op 8.12.1636 aan de edele heer Cornelis Nicolaesz. te Dordrecht een merry van bijna 2 jaren.

      Mijnsheerenland, 20.7.1639: Pieter Jansz. Winter bekent 200 gulden schuldig te zijn aan Pieter Cornelisz. Romeijn vanwege de koop van 2½ morgen zomergerst.

    × Mijnsheerenland 7-6-1603   Marichge Ghijsendr , * <1570 , † <8-1623.
      Ondertrouw op 18-5-1603 in Ridderkerk.
      Pieter Cornelisz. den Jongen Romeijn, j.g. van Ridderkerk, en Mariken Ghijsendr. wd., wonend Mijnsheerenland van Moerkerken, otr. op 18-5-1603 in Ridderkerk, att. naar Mijnsheerenland 7 juni.
      Op 11-7-1623 werd door haar erfgenamen een overeenkomst opgesteld over de nagelaten goederen van Maritje Ghijsendr.

      Mijnsheerenland, 25 juli 1623: Michiel Aertsz. Hacke en zijn zoon Cornelis Michielsz. Hacke machtigen Wouter Jansz. om uit hun naam neffens de andere erfgenamen van Marichge Ghijsbrechtsdochter, wijlen echt genote van Pieter Cornelisz. Romeijn, te procederen betreffende de boedelscheiding tussen de voornoemde Romeijn en de erfgenamen, om met dezelfde Romeijn te accorderen.
      Genoemd: Elisabeth Michielsdr. Hacke, Sebastiaentge Cornelis Jacobsdr. Zij is gehuwd
      geweest met Michiel Aertsz. Hacke, in 1597 schout en bewoner van het Hof van Moerkerc ken.

      De verkochte goederen van Mritge Ghijsendr. hebben 201 gulden en 8 stuivers opgebracht. De rekening werd op 3-11-1624 opgemaakt.

      Marichge Ghijsen is in 1e huwelijk getrouwd geweest met Cornelis Jacob Cornelisz.,
      geboren ca. 1546 en gestorven vóór 1587.

      Daantje Pietersdr. was een dienstmaagd, die jarenlang Maritje Ghijsendr. gediend heeft.

      Pieter Cornelisz. Romeijn trouwt in Mhld op 7 juni 1603 met Marichge Ghijssendr., voormalig ook echtgenote van Cornelis Jacobsz., zoon van Jacob Cornelisz. en Heyltge Jan Heyensdr.

      Mijnsheerenland, 11 april 1606:
      Willem Gerritsz. op Maasdam, echtgenoot van Toontge Sebastiaen Maertensdr., verkoopt aan Pieter Cornelisz. Romeijn de jonge, nasaet van Jacob Jacobsz., 1 mrg en 500 roe land in het OvM, liggende gemeen met de koper in een stuk van 5 morgen, de koper met zijn huisvrouw
      ten huwelijk gegeven in date 18 december 1603. Oost: het land van de kinderen van Jan Jacobsz. Zuid: de weg strekkende naar de Oostwatermolen. West: Johan van Muijlwijck, dijkgraaf van Oud-Heinenoord en ten noorden Gerrit Mathijsz. te Dordrecht.Genoemde 5 morgen zijn belast met een jaarlijkse l osrente van 36 Cgld t.b.v. de erfgenamen van Magdalena Adriaensdr.

      Mijnsheerenland, 24 mei 1609:
      Pieter Cornelisz. Romeijn verkoopt aan Thomas van den Hoonert Pietersz. te Dordrecht, voogd van de 2 weeskinderen van zaliger Dirck Hoinck, een jaarlijkse losrente va n 12 Cgld en 10 stuivers, te lossen met de hoofdsom van 200 Cgld. Hij verzekert op 4 mrg en 100 roe land in het OvM in een weer ter grootte van 5 mrg, voet onder voet met de dochter van zijn echtgenote Marichge Cornelis Jacobsdochter. Oost: het land van die Van Loo. Zuid: de weg strekkende van de Ooswatermolen tot het polderse veer. West: het land van Johan van Muijlwijck. Noord: het land van de weduwe van mr. Gielis Joachimsz. te Dordrecht

      Mijnsheerenland, 9 december 1609:
      Pieter Cornelisz. geseijt Romeijn, nasaet van Jacob Jacobsz., en Maritge Cornelis Jacobsdr.bekennen samen met hun zwager Simon Huijchensz. Splinter, dat zij 5 morgen l and in het OvM in het Oostmolenblok verkocht hebben aan Jan Jansz. van Dongen, bakker te Dordrecht. Te weten de voornoemde Romeijn 4 mrg en 100 roe en Marichge Cornelis Jacobsdr. 500 roeden land. Oost: die van Loo. Zuid: de Oostmolenweg. West: Johan van Muijlwijck, wiensland gebruikt wordt door Cornelis Aertsz. van der Kest. Noord: het land van de weduwe van de chirurgijn mr. Gielis. Dit l and is de verkoper aangekomen bij zijn huwelijk en Marichge bij
      overlijden van haar vader Cornelis Jacob Cornelisz.

      Lenert Sebastiaansz. snijder en Willem Cornelisz. Romeijn tot Ridderkerk, gehuwd met Maritge Cornelis Jacobsdr., Pieter Cornelisz. Romeijn, stiefvader van Cornelia Cornelis Jacobsdr. en Maritje Cornelis Jacobsdr. worden op 17 juni 1619 in Mijnsheerenland vermeld.

      Mijnsheerenland, 11 juli 1623:
      Pieter Cornelisz. Romeijn, weduwnaar van Maritge Ghijsendr., Willem Cornelisz. Romeijn, gehuwd met Maritje Cornelis Jacobsdr., en Simon Huigensz. Splinter, weduwnaar van Neeltje Cornelis Jacobsdr.; zijn overeengekomen betreffende de nagelaten goederen van genoemde
      Maritje Ghijsendr.
      Genoemd: Wouter Jansz., Cornelis Michielsz. Hacke en Elisabeth Michielsdr., nagelaten kinderen van zaliger Sebastiaantje Cornelis Jacobsdr., in haar leven huisvrouw van Michiel Aartsz. Hacke, tezamen erfgenamen van voorn. Maritje Ghijsendr.
      Pieter Cornelisz. Romeijn blijft in bezit van het huis, daar Maritje Ghijsendr. in overleden is, alsmede in bezit van de bergen, schuren, boomgaard e.a. benevens 830 eigenland daar het huis op staat. Verder blijft hij in bezit van het huisraad, de havelijke goederen en het gereedschap, dat tot de bouwerij en molkerij behoort etc.
      Verder worden nog genoemd: Pieter Pietersz. Dousburg, oom der nagelaten kinderen, Daantje Pietersdr. i.v.m. dienstloon (zij heeft jarenlang Maritje Ghijsendr. gedient en zal ook verder als dienstmaagd in het huis blijven), Gerrit Simonsz. Groot als belender van 11 hont land in de hoek van de weg, die met de 3 morgen en 375 roeden weiland in Oud-Heinenoord in het genot zullen blijven van de erfgenamen.
      Nota van de secretaris Simon Huigensz. Splinter: “Den eersten aprilis 1624, wesende op een maendach ’s morgens vrouch, bij mij desen eenen vertichtbrief an Pieter Cornelisz. Romeijnt’ sijnen huijse gelevert”.

      Mijnsheerenland, 19.3.1635:
      Pieter Cornelisz. Romeijn bekent 400 Car.gulden schuldig te zijn aan de Armen van Moerkercken. Hij verzekert deze som op zijn huis(inge), bergen, keten en boomgaard, alsmede op 1 morgen en 230 roeden daar het huis op staat; liggende bezuiden van de Dorpweg en strekkende tot het water van de Maas. Bedoelde 1 morgen en 230 roeden land zijn belast met een hypotheek ten bedrage van jaarlijks 12 gulden t.b.v. de Leprosen te Dordrecht d.d. 22.11.1601.
      Genoemd: Jacob Jacobsz., “voorsaet” van Pieter Cornelisz. Romeijn. Jacob Jacobsz. is getrouwd geweest met Marichge Ghijsendr., 1e echtgenote van Cornelis Jacobsz., die een zoon was van Jacob Cornelisz. aan de Blaak.

      Mijnsheerenland, 7.11.1635:
      Pieter Cornelisz. Romeijn transporteert aan zijn zwager Cornelis Pietersz. van der Schoor op Zwijndrecht 1 morgen en 230 roeden land in het Oudeland van Moerkercken met huis, berg, schuur, duiventil, boomgaard en andere beplanting, daar hij tegenwoordig op en in woont.
      Oost: Cornelis Cornelisz. jonge Boer met bruikweer, zuid: het water van de Maas (binnenbedijkte Maas; L.H.v.E.), west: het land van de heer van Moerkercken en noord: de weg strekkende naar het dorp. Dit land is hem aangekome n bij huwelijk met zijn 1. huisvrouw Marichge Ghijsendr. en diens 2e man Jacob Jacobsz. aangekomen door koop van Lenert Oolofsz. in Strijen op 22.11.1601. Pieter Cornelisz. Romeijn verklaart, dat het verkochte landhuis niet anders belast is dan met jaarlijks 12 gulden t .b.v. het Leprooshuis te Dordrecht.
      Het geheel wordt verkocht voor 22 gulden, komt tesamen met de lasten 1000 gulden.
      N.B.: Marichge Ghijsen is in Ie huwelijk getrouwd geweest met Cornelis Jacob Cornelisz., geboren ca. 1546 en gestorven vóór 1587. Marichge Ghijsendr. trouwt op 22 december 1589 in 2e echt Jacob Jacobsz., geboren 1551. Op 7 juni 1603 trouwt zij te Mijnsheerenland Pieter Cornelisz. Romeijn.


  7. ? Willem Cornelisz Romeijn , *Ridderkerk 1581 , ~Ridderkerk 14-5-1581 , † <2-1646 .
    Willem Cornelisz was getuige bij de doop van Goossen Cornelisz Romeijn .
      Overl. ná 1638 en vóór 22 jan 1646.

      Willem Cornelisz. Romeijn tot Ridderkerk, echtgenoot van Marichge Cornelis Jacobsdr.

      Pieter Cornelisz. Romeijn wordt samen met zijn broer Willem Cornelisz. Romeijn op 22-10-1635 in Mijnsheerenland genoemd.

      Een inventarislijst van de goederen nagelaten door Neeltje Cornelis Jacobsdr., in het laatst van haar leven huisvrouw van Simon Huijgensz. Splinter, secretaris van Mijnsheerenland wordt opgemaakt op 17-6-1619. Willem Cornelisz. Romeijn is getrouwd met Maritje Cornelis Jacobsdr., zuster van de overledene Neeltje (Cornelia) Cornelis Jacobsdr.

      Mijnsheerenland, 7 mei 1624:
      Willem Cornelisz. Romeijn, wonende te Ridderkerk, echtgenoot van Marichge Cornelis Jacobsdr., verkoopt aan Agnietge Adriaensdochter, wonende aan de Blaak onder Moerkercken, 1 morgen en 500 roeden cijnsland in het Oudeland van Moerkercken. Oost het land van Dyngman Pauly, zuid een klein smal gedeelte van de gemenelands watering, west de weg strekkende van de Maasdijk tot de Reedijk van Heinenoord en noord de Noord- of Achterweg. Dit cijnsland is hem aangekomen bij overlijden van zijn schoonmoeder Marichge Ghijssendochter, in het laatst van haar leven echtgenoten van Pieter Cornelisz. Romeijn en de zelve Romeijn aangekomen bij koop van de kinderen en erfgenamen van Jan Jacobsz. Pentionaris en Annichgen Pieter Cors Pietersdochter op 3 mei 1603.
      Willem Cornelisz. Romeijn bekent schuldig te zijn aan Cornelis Michielsz. Hacke en Elisabeth Michielsdr. Hacke, kinderen van Michiel Aertsz. Hacke en Bastiaentge Cornelis Jacobsdr., de som van 206 gulden, 10 stuivers en 8 penningen Hollands, uit zake van een hoofdsom
      die Cornelia Cornelis Jacobsdr., wijlen echtgenote van Simon Huijgensz. Splinter, ten behoeve van Cornelis Michielsz. Hacke gelegateerd heeft.

      Mijnsheerenland, 20 mei 1624:
      Agnietge Adriaensdochter, weduwe van Cornelis IJsbrantsz., bekent in presentie van Simon Huijgensz. Splinter schuldig te zijn aan Willem Cornelisz. Romeijn te Ridderkerk de som van 345 gulden als rest van een meerdersom vanwege de koo p van 1 mrg en 500 roe cijnsland in het Oudeland van Moerkerke.

      Mijnsheerenland, 22.10.1635:
      Pieter Cornelisz. Romeijn geeft aan dat zijn broer Willem Cornelisz. Romeijn zich als borg
      voor hem geconstitueerd heeft voor de som van 200 gulden t.b.v. de weduwe van Niclaes
      Aertsz. te Dordrecht. Om zijn broeder daarvan te vrijwaren verkoopt hij zijn broeder
      navolgende goederen (die voorlopig in zijn bezit blijven):
      Een kantoor in de keuken voor 6 gulden, een wagenschotte kist in de keuken voor 4 gulden, 5 vurenhouten banken, het stuk voor 30 stuivers, 2 spennen (?) in het voorhuis voor 10 gulden, 1 wagenschotten kast in het voorhuis voor 6 gulden, 12 tinnen platelen, het stuk voor 2 gulden, 3 schuimspanen met 3 voetheugels, samen voo r 4 gulden, 5 bedden met toebehoren, het stuk voor 30 gulden en een nieuwe kast, staande in de keuken, voor 50 gulden.

      Op 20-12-1639 werd in Mijnsheerenland het land van Willem Cornelisz. Romeijn genoemd.

      Ridderkerk, 5-6-1661: Jacob Willemsz Romeijn wonende aan de Grasdijk, ziek op bed liggende, benoemt Cornelis Willemsz Romeijn, Jan Willemsz Romeijn en de gezamenlijke kinderen van Maijcken Willemse Romeijn voor een derde part tot zijn universele erfgenamen. Tot voogd over de minderjarige erfgenamen benoemt hij zijn voornoemde broer Cornelis.

    × Ridderkerk ±1600   Marichge Cornelis (Marichgen Cornelis) , † <1625.
        Dochter van Cornelis Jacob Cornelisz en Marichge Ghijsendr .
      Zij hadden zonen Cornelis en Jacob.
      Zij werd geboren in Westmaas of Mijnsheerenland.

      Mijnsheerenland, 24 mei 1609:
      Pieter Cornelisz. Romeijn verkoopt aan Thomas van den Hoonert Pietersz. te Dordrecht, voogd van de 2 weeskinderen van zaliger Dirck Hoinck, een jaarlijkse losrente va n 12 Cgld en 10 stuivers, te lossen met de hoofdsom van 200 Cgld. Hij verzekert op 4 mrg en 100 roe land in het OvM in een weer ter grootte van 5 mrg, voet onder voet met de dochter van zijn
      echtgenote Marichge Cornelis Jacobsdochter. Oost: het land van die Van Loo. Zuid: de weg strekkende van de Ooswatermolen tot het polderse veer. West: het land van Johan van Muijlwijck. Noord: het land van de weduwe van mr. Gielis Joachimsz. te Dordrecht

      Simon Huigensz. Splinter accordeert op 17-6-1619 in Mijnsheerenland met de voogden van de 2 nagelaten kinderen van zaliger Cornelia Cornelis Jacobsdr., namelijk Maritge Simonsdr., oud 9 jaar, en Sebastiaantje Simonsdr., oud omtert 4 jaar. Simon Huigensz. blijft in het bezit van de boedel. Hij verplicht zich zijn kinderen met hun 17e jaar eens uit te keren de som van 1000 Karolusgulden. Tevens zullen de kinderen boven hun moederlijk erfdeel nog genieten 2 morgen eigenland in het Oudeland van Moerkercken zuidwaarts aan de Achterweg en nog zekere 4 morgen en 260 roeden cijnsland zuidwaarts aan de bovenomstreven 2 morgen eigenland. Verder zullen zij nog blijven aan 1 morgen en 261 roeden cijnsland, mede in het Oudeland van Moerkercken. Voorts verplicht Simons zich zijn 2 kinderen te houden in eet en drank, schoien en kleden en de kinderen ter schole te laten gaan om te leren schrijven en naaien etc.
      Verder genoemd wordt Pieter Cornelisz. Romeijn, stiefvader van Cornelia Cornelis Jacobsdr.

      De vrouw van Willem Cornelisz Romeijn erfde een fluwelen tas met een zilveren ketting en een zilveren knoop van Maritge Ghijsendr., haar moeder.

      Willem Cornelisz. Romeijn tot Ridderkerk, gehuwd met Maritge Cornelis Jacobsdr., en Pieter Cornelisz. Romeijn, stiefvader van Cornelia Cornelis Jacobsdr. en Maritje Cornelis Jacobsdr., worden op 17-6-1619 in Mijnsheerenland genoemd.

      Mijnsheerenland, 1 juni 1625:
      Jacob Jansz. Pentionaris, wonende aan de Blaak, stelt zich met al zijn goederen waarborg
      voor alle tot nu toe onbekende lasten die ooit op 1 morgen en 500 roeden cijnsland mogen
      rijzen. Dit land is eertijds gekocht bij Agnietge Adriaensdochter van Willem Cornelisz. Romeijn tot Ridderkerk, echtgenoot van Marichge Cornelis Jacobsdr.
      N.B.: De vader van Marichge, Cornelis Jacob Cornelisz., was gehuwd met Marichge Ghijsendochter. Uit dit huwelijk Marichge, huwt Willem Cornelisz. Romeijn, Cornelia Cornelis Jacobsdochter huwt Simon Huijgensz. Splinter, secretaris in Mijnsheerenland en Sebastiaentge Cornelis Jacobsdr. huwt Michiel Aertsz. Hacke, in 1597 schout en bewoner van het Hof van Moerkercken in Mijnsheerenland. Jacob Cornelisz. is een broer van Jan Jacob Heijesz. alias Pent ionaris aan de Blaak, vader van de in deze akte genoemde Jacob Jansz. Pentionaris, voorvader in rechte linie van het geslacht Van Eis, tegenwoordig “beheimatet” in Noord-Holland.

      Ridderkerk, 22-1-1646: Jan Willemsz Romeijn verklaart schuldig te zijn aan Gerrit Ingensz, gaermeester van de verpondinge 72 gulden. Maertge Cornelis, wonende in de Grient alhier, weduwe van Willem Cornelisz Romeijn, geassisteerd door Pouwels Arijensz Cranendoncq, haar voogd, stelt zich borg.

      Ridderkerk, 23-10-1656: Cornelis Willemsz Romeijn - 37 jaar - en Jacob Willemsz Romeijn - 33 jaar - verklaren op verzoek van Willem Robbrechtsz Vernock te Dordrecht dat Marichgen Cornelis, hun moeder, 3000 gulden heeft betaald aan Cornelis Gielen Legendijk in 1652 bij hen thuis. Zij heeft toen betaald in zilveren dukatons en rijksdaalders; het betrof de koop van tiende half mergen land in oud Reijerwaard. Zij zijn getuige hiervan geweest.

      Ridderkerk, 3-12-1656: Cornelis Willemsz Romeijn en Jacob Willemsz Romeijn, broers, bekennen schuldig te zijn aan Ariaentgen Gerrits, weduwe van Cornelis Jacobsz te Lekkerkerk, 191 gulden en 5 stuivers inzake een obligatie.

    5 kinderen


  8. Ploentgen Cornelisse ( Jonckint) , * 1583 , ~Ridderkerk 30-12-1583 , † Sint Anthoniepolder ±1622 .
    Doopgetuige: Gerrit Cornelisz Stuij .
      Ploenken, dochter van Cornelis Willem Ghoesz. en Maritgen Cornelisdr., doopget. Gheerit Cornelisz Stoeij en Eeltgen Pieter Besemersdr.
      Overleden vóór medio 1624.

      Dochter van Cornelis Willemsz Jonckint Romeijn en Marijke Cornelisdse Streuij.

    × Sint Anthoniepolder 28-5-1606   Huig Pietersz Blaeck , *Sint Anthoniepolder ±1576 , † ±1653.

    7 kinderen


  9. Fijtgen Cornelisse (Feijcken Cornelisdr) ( Romeijn) , * 1586 , ~Ridderkerk 28-12-1586 .
    Feijcken Cornelisdr was getuige bij de doop van Marijken Daniels van Driel .
      Doopget. Cornelis Metsselaer tot Lekkerkerk en Truijghien Leendertsdr. tot Ridderkerk.

      Zij is een dochter van Cornelis Willem Goosensz. alias Jonckint alias Romeijn.

      Op 10-4-1626 compareerden
      - Fijcke Cornelisdr., wed. van Willem Willems van der Mast, met Pieter Cornelisz. romeijn, als gecoren voogd ter eenre, en
      - Willem Everts van der Mast en Arien Eeuwouts Smoor als voogden van
      - Willem, 17 jaar, Cornelis, 15 jaar, Heinrick, 13 jaar, Abram, 10 jaar, en Marijken, 3 jaar, kinderen van Willem Willems en Fijcke Cornelisdr., ter andere zijde.
      Arien Eeuwouts Smoor was gehuwd met Geertruijd Willems van der Mast, dochter van Willem van der Mast en zijn eerste huisvrouw Aerjaentge Aertsdr.

    × Ridderkerk 10-6-1607   Willem Willems van der Mast , * ±1565 , † <5-1626.
    Willem Willems was getuige bij de doop van Neeltgen Pieters op den Dijck , de doop van Cornelis Cornelisz Romeijn .

        Zoon van Willem Everts Vermast en Geertruijt Willems (Truijtgen Willems) .
      Willem was weduwnaar van Aerjaentge Aertsdr.
      Kinderen uit Willem’s 2e huwelijk met Fijcke: Willem, Cornelis, Heinrick, Abram en Marijken.

      In 1595 kocht Willem een huis in Zwijndrecht.
      Hij was heemraad van Groote Lindt in 1615-18 en 1620-23.
      Willem Willemsz. van der Mast was beenhakker. Zijn ouders waren Willem Everts van der Mast en Geertruijt Willems.

    × ±1628   Cornelis Pietersz Verschoor , † >1638.
        Zoon van Pieter Dircksz Verschoor en Maertgen Pieters .
      Getrouwd wsl. rond 1626-31. Fijtgen Cornelisdr. was weduwe van Willem Willemsz. van der Mast.
      Wsl. tussen 1626 en 1631 overleden, i.e.g. vóór maart 1664.

      Cornelis was in 1624 vaandrager te IJsselmonde. In 1626 woonde hij nog te West-IJsselmonde, maar in 1628-36 in Zwijndrecht, rond 1638 tre Groote Lindt en in 1641 te Zwijndrecht.

      In de 1000e Penning van West-IJsselmonde over 1626 werd Cornelis Pietersse Verschoor aangeslagen voor een gegoedheid van 2000 pond.

      Tussen 1 jan. en 24 apr. 1639 werden Cornelis Pieterssen Verschoor en Fijken Cornelis met att. van De Lind lidmaat te Zwijndrecht.

    5 kinderen


Samengesteld door Joan Bos.
Voor meer informatie zie de introduktie of de FAQ.