Judic Wouters ( Verbraeck) , *Dordrecht 1578 , † >6-5-1649.
Dochter van Wouter Woutersz ( Verbraeck) en Roochsken Willems ( Braedt) .


Î Dordrecht 5-11-1600 (otr Dordrecht 22-10-1600)
    Hermen Jansz , † ±1605.    
Î Zwijndrecht 22-6-1608 (otr Zwijndrecht 8-6-1608)
    Cornelis Jansz (de Bondt) , *Zwijndrecht ±1585 , † 1643.
Kinderen:
  1. Mariken Hermans , * 1601 , ~Dordrecht 1-11-1601 .


  2. Roocken Hermans , * 1603 , ~Dordrecht 1-6-1603 .
      Dochter van Herman Jansz en Judith Woutersdr.


  3. Jan Hermans , * 1604 , ~Dordrecht 1-11-1604 .
      Zoon van Herman Janssen en Judit Wouters.


  4. Adam Cornelisse ( Boode) , * 1609 , ~Dordrecht 1-5-1609 .
      Zoon van Cornelis Jansz en Judith Wouters, tweeling met Eva.


  5. Eva Cornelisse (de Bondt) , * 1609 , ~Dordrecht 1-5-1609 .
      Tweeling met Adam.


  6. Arij Corneliszen de Bondt , *Zwijndrecht 1610 , ~Zwijndrecht 21-11-1610 , † <1673 .

    Î Zwijndrecht 1-1-1640   Aelgen Marinus Corneliszen , *Zwijndrecht 1617 , ~Zwijndrecht 24-7-1617 , † >16-1-1683.

    8 kinderen


  7. Clement Cornelisz van (der) Vliet , * >1610 , † <1686 .

      Clement Cornelisz. van (der) Vliet, 8 dec. 1619, jongman van Zwijndrecht (1667), schepen van Zwijndrecht (1676), overleden tussen 1676 en 1685, OSP, trouwde NG Zwijndrecht 22 mei 1667 Maria Damerij (Demmerij, Dammeri), geboren naar schatting ca. 1625, jonge dochter van Maastricht (1645), weduwe van Claes van Straten (1667), dochter van Jean Demmerij en Maria Posson (ONA Dordrecht inv. 186, akte 25, f. 39, akte dd 6 mrt. 1676), trouwde 1e NG Dordrecht 29 okt. 1645 (ondertrouw; per schrijven van Maastricht) Claes Jansz. van (der) Straten, jongman van Dordrecht (1645)

      Stiefkinderen:
      a. Sara van Straten, gedoopt NG Dordrecht 1 dec. 1647, trouwde Jan Pietersz. van de Lint
      b. Joannes van Straten, gedoopt NG Dordrecht 8 april 1651
      c. Jacobus van Straten, gedoopt NG Zwijndrecht 8 juli 1657, jongman van Zwijndrecht en daar wonende (1679), drapenier (vermeld 1679), keurmeester van de turf te Dordrecht (vermeld 1685), trouwde NG Dordrecht 5/23 mrt. 1679 (proclamatie te Zwijndrecht) Elisabeth Buijs, jonge dochter van Dordrecht wonende aan de Grote Kerk (1679)
      d. Sara van Straten, gedoopt NG Zwijndrecht 21 mei 1662, trouwde Jan Pietersz. van de Lint

      - 28 april 1667: compareren voor notaris J. Melanen te Dordrecht Clement Cornelisz. van Vliet, jongman wonende te Zwijndrecht, en Marijcken Demmerij, weduwe van Nicolaes van der Straten, om huwelijkse voorwaarden te maken. De toekomstige bruid en bruidegom zullen inbrengen "tot sustentatie ende voorstant van desen aenstaenden huwelijcke" alle goederen, die zij op dat moment bezitten of die zij later nog zullen verwerven. Als de bruidegom vˇˇr de bruid komt te overlijden, zal zij uit de gemeenschappelijke boedel een bedrag van 600 gl. krijgen en alle huisraad en "meuble goederen", die dan in die boedel bevonden zullen worden, benevens de kleren en de sieraden van goud en zilverwerk tot haar lijf behorende. De verwanten en erfgenamen van de bruidegom zullen in dat geval krijgen alle huisraad en "meuble goederen", die door de bruidegom bij het aangaan van het huwelijk zijn ingebracht, alsmede zijn kleren, zonder dat zij daarvoor enige compensatie aan de bruid zullen behoeven te geven. Als de bruid de eerststervende is, zal de bruidegom uit haar goederen, als "duwarie ende verbeteringe", een somma van 600 gl. ontvangen, evenwel op voorwaarde, dat ingeval de bruidegom zonder kinderen na te laten komt te overlijden, dat bedrag na zijn overlijden weer toe zal vallen aan de kinderen of kindskinderen van de bruid. Aldus gedaan te Zwijndrecht etc. Akte door beiden ondertekend. (ONA Dordrecht inv. 181, f. 604 e.v.)

      - 18 juni 1672: compareren voor notaris J. Melanen te Dordrecht Clement Cornelisz. van Vliet en zijn vrouw Marija Dammerij, wonende te Zwijndrecht. Zij herroepen eerdere testamenten, codicillen etc. Hij legateert aan de Armen van Zwijndrecht een bedrag van 30 gl. en aan de kerk aldaar 20 gl. Hij benoemt zijn vrouw tot erfgename van al zijn overige na te laten goederen. Als zij na zijn dood gaat hertrouwen, moet zij aan zijn broer en zuster, Adam Cornelisz. en Anneken Cornelisdr., de langstlevende van beiden, of bij vooroverlijden de kinderen c.q. de nakomelingen van hun overleden broer Arijen Cornelisz., of aan de naaste verwanten en erfgenamen ab intestato van de testateur de gerechte helft van de boedel overdragen, "soo alsdan in wesen sal sijn off anders soodanigen somme van penningen als hij testateur bij seecker geschrifte onder sijn hant gespecificeert ende op huijden geteijckent heeft, ter keure ende optie van de voorsz. sijnne huijsvrouw". Als laatstgenoemde echter niet gaat hertrouwen, moet hetgeen boven vermeld is - de helft van de boedel etc. - aan testateurs verwanten en erfgenamen ab intestato worden uitgereikt. De testatrice legateert aan haar voorzoon Johannes van Straten een gouden ring met een robijnsteen, aan haar voorzoon Jacobus van Straten een kleine gouden hoepring, aan haar voordochter Sara van Straten een klein diamanten ringetje, al kleren en haar gouden en zilveren lijfsieraden, alsmede haar testamentboek met zilverbeslag en zilveren ketting, en aan haar man een grote diamanten ring, een gouden hoepring, een grote zilveren beker en een grote zilveren penning. Tot erfgenamen van al haar overige na te laten goederen benoemt zij haar man en haar drie kinderen, elk voor een gerecht kindsgedeelte. Als haar man kinderloos komt te overlijden, moeten haar goederen verdeeld worden onder haar twee zoons, elk een voor vierde deel, en haar dochter, voor de wederhelft. Indien de testatrice kinderloos komt te overlijden, zal haar man erfgenaam zijn van al haar goederen. Zij benoemen de langstlevende van hen beiden aan tot voogd over hun minderjarige erfgenamen. Akte door beiden ondertekend. (ONA Dordrecht inv. 184, f. 46 e.v.)

      - 18 sept. 1676: verklaring door Clement van Vliet en Hendrick Ariensz. Hartogh, schepenen van Zwijndrecht (ONA Dordrecht inv. 323)

      - 28 sept. 1685: compareren voor notaris P. Muijs te Dordrecht Anneken Cornelisdr. Bode, bejaarde ongehuwde vrouw, en Maria Damerij, weduwe van Clement Cornelisz. van Vliet, "te kennen gevende dat tusschen hen comparanten eenige differentiŰn waeren ontstaen ter oorsaecke dat de eerste comparante was blijven besitten alle soodanige goederen, als haeren broeder Adam Cornelissen Bode metter doot hadde komen te ontruijmen, daerinne de tweede comparante met recht sustineerde mede erffgenaem te sijn en mede oock dat de tweede comparante onder sekere limitatie was ge´nstitueert tot erfgenaem van haeren man zaliger daerover de eerste comparante sustineerde dat de tweede comparante sustineerde dat de tweede comparante soude moeten opleveren staet en inventaris met eede gesterckt van alle soodanige goederen als ... Clement van Vliet metterdood mede hadde ontruijmt en dat geschapen stonde daerover processe, koste en verdere moeijelijckheden soude ontstaen". Om dat te voorkomen zijn de comparanten overeengekomen, dat Anneke Cornelisdr. en haar erfgenamen in volle eigendom zullen behouden alle goederen, die door haar broer Adam zijn nagelaten, en dat Maria Damerij en erfgenamen de goederen zal blijven behouden de goederen, die zijn nagelaten door haar man, Clement van Vliet, "ende waerinne sij van den selve ex testamento is ge´nstitueert". Dat alles evenwel op voorwaarde, dat na overlijden van Maria Damerij door haar erfgenamen aan Anneke Cornelisdr., of bij vooroverlijden aan haar erfgenamen, wordt voldaan een bedrag van 600 gl.. Hiervan heeft Anneke reeds 150 gl. ontvangen, zodat aan haar nog betaald zal moeten worden een bedrag van 450 gl. Compareren mede Johannes de Bont, Hendrick Herbertse, als man van Theuntie Arijensdr. de Bont, Cornelis de Bont, Jacob Jordensz. van Sandelingh, als man van Judic Arijensdr. de Bont, allen wonende onder Hendrik-Ido-Ambacht, en Jan Jansz. de Hoogh, als man van Wijfe Arijensdr. de Bont, wonende te Zwijndrecht, alsmede Jacobus van Straten, keurmeester van de turf, wonende te Dordrecht, en Jan Pietersz. van de Lint, als man van Sara van Straten, die verklaren, dat zij voor zoveel het hun aangaat of aan zal gaan instemmen met deze overeenkomst. Aldus gedaan te Zwijndrecht etc. De akte is ondertekend door Marij Diemeij [sic], Johannes de Bondt, Cornelis de Bondt, Jacobus van der Straten en Jan P. van de Linth. De anderen zetten een kruisje. In de marge van de akte staat: "Op huijden den 31 Jan. 1692 compareerde voor [notaris P. Muijs] ... Jacobus van Straten en Jan Pietersz. van de Lind erffgenaemen van Anneke Cornelis Bode in de nevenstaende contracte gemelt ende exhibeerde de origineele grosse deser minute met quitantie van de resp. erffgenaemen onderteeckent, onder deselve geschreven", waaruit bleek, dat de somma van 450 gl., in de akte vermeld, volledig was voldaan. Derhalve "dese minute ende desselfs gros geroijeerd". (ONA Dordrecht inv. 327)
      Functie: Schepen. van ±1670 tot ±1670

    Î Zwijndrecht 22-5-1667   Maria Dammerij .
      Clement Cornelisz. van Vliet en zijn vrouw Marija Dammerij, wonende te Zwijndrecht.

      Maria was weduwe van Claes van Straten en dochter van Jean Demmerij en Maria Posson.


  8. Anneke Cornelisdr ( Boode) , * ±1616 , ~Dordrecht 12-2-1617 , † >1671 .

      - 18 juni 1672: compareren voor notaris J. Melanen te Dordrecht Clement Cornelisz. van Vliet en zijn vrouw Marija Dammerij, wonende te Zwijndrecht. Zij herroepen eerdere testamenten, codicillen etc. Hij legateert aan de Armen van Zwijndrecht een bedrag van 30 gl. en aan de kerk aldaar 20 gl. Hij benoemt zijn vrouw tot erfgename van al zijn overige na te laten goederen. Als zij na zijn dood gaat hertrouwen, moet zij aan zijn broer en zuster, Adam Cornelisz. en Anneken Cornelisdr., de langstlevende van beiden, of bij vooroverlijden de kinderen c.q. de nakomelingen van hun overleden broer Arijen Cornelisz., of aan de naaste verwanten en erfgenamen ab intestato van de testateur de gerechte helft van de boedel overdragen, "soo alsdan in wesen sal sijn off anders soodanigen somme van penningen als hij testateur bij seecker geschrifte onder sijn hant gespecificeert ende op huijden geteijckent heeft, ter keure ende optie van de voorsz. sijnne huijsvrouw". Als laatstgenoemde echter niet gaat hertrouwen, moet hetgeen boven vermeld is - de helft van de boedel etc. - aan testateurs verwanten en erfgenamen ab intestato worden uitgereikt. De testatrice legateert aan haar voorzoon Johannes van Straten een gouden ring met een robijnsteen, aan haar voorzoon Jacobus van Straten een kleine gouden hoepring, aan haar voordochter Sara van Straten een klein diamanten ringetje, al kleren en haar gouden en zilveren lijfsieraden, alsmede haar testamentboek met zilverbeslag en zilveren ketting, en aan haar man een grote diamanten ring, een gouden hoepring, een grote zilveren beker en een grote zilveren penning. Tot erfgenamen van al haar overige na te laten goederen benoemt zij haar man en haar drie kinderen, elk voor een gerecht kindsgedeelte. Als haar man kinderloos komt te overlijden, moeten haar goederen verdeeld worden onder haar twee zoons, elk een voor vierde deel, en haar dochter, voor de wederhelft. Indien de testatrice kinderloos komt te overlijden, zal haar man erfgenaam zijn van al haar goederen. Zij benoemen de langstlevende van hen beiden aan tot voogd over hun minderjarige erfgenamen. Akte door beiden ondertekend. (ONA Dordrecht inv. 184, f. 46 e.v.)


Samengesteld door Joan Bos.
Voor meer informatie zie de introduktie of de FAQ.